Palazzo e Museo Zuckermann

Palazzo e Museo Zuckermann

Corso Garibaldi 33. (Open kaart)

Omschrijving

Het Palazzo Zuckermann is een groot paleis van begin twintigste eeuw aan de Corso Garibaldi in Padua, tegenover de Musei Civici degli Eremitani. Het hoort nu bij de Musei Civici en huisvest twee musea: toegepaste kunst en de muntcollecties van het Museo Bottacin.

Het paleis werd tussen 1912 en 1914 gebouwd naar een ontwerp van de Milanees Filippo Arosio. De gevel mengt neoclassicistische elementen, door de opdrachtgever gewenst voor een monumentale uitstraling, met verwijzingen naar de toen modieuze art nouveau. Binnen loopt een trap van Carrarisch marmer omhoog onder een ruim daklicht.

Op de begane grond en de eerste verdieping toont het Museo di Arti Applicate meer dan tweeduizend voorwerpen, van de middeleeuwen tot nu: zestiende-eeuws keramiek, achttiende-eeuwse ingelegde meubels, mannen- en vrouwenkleding uit de achttiende en negentiende eeuw, zilverwerk, glas, ivoor en meer dan 400 sieraden.

Op de tweede verdieping zit het Museo Bottacin, met de collecties die de koopman Nicola Bottacin uit Triëst in 1865 aan de stad schonk. Meer dan 20.000 munten en medailles, van het oude Griekenland via Rome en Byzantium tot de moderne tijd, met een afdeling voor munten uit het Venetiaanse gebied.

Onder de kunstwerken van het Bottacin valt de buste van doge Paolo Renier door Antonio Canova op. Er zijn ook oude wapens en aandenkens aan aartshertog Maximiliaan van Habsburg, een vriend van de verzamelaar, en de zalen roepen zijn villa in Triëst op.

De opdrachtgever, cavaliere Enrico Zuckermann, was een uitzonderlijke industrieel: zijn fabriek van kleine metaalwaren bij het station gaf de werknemers naast hun loon een premie als de winst steeg. Het paleis moest uitkijken op de nieuwe ‘rettifilo’, de rechte straat die het centrum met het station verbond.

Het heeft een bewogen leven gehad. Na de oorlog gebruikte het Amerikaanse leger de zolder als sportzaal en zette het een radiostation op het terras: aan de muren zijn nog schilderingen met sporttaferelen te zien die de soldaten maakten. Vanaf 1953 zaten er decennialang de kantoren van het staatstelefoonbedrijf, voordat het een museum werd.